Mineralen en vitaminen in voeding hond

Mineralen en vitaminen zijn erg belangrijk voor een goede gezondheid van uw hond. In dit artikel worden de belangrijkste vitaminen en mineralen besproken.

Dagelijkse opname

In (zeer) kleine hoeveelheden worden vitaminen en mineralen elke dag door het lichaam gebruikt, al dan niet zelf aangemaakt door het lichaam. Voor veel van deze stoffen is een dagelijkse opname van levensbelang, een kwalitatieve voorziening via de voeding is dan ook noodzakelijk. Juist met deze stoffen worden de meeste voedingsfouten gemaakt die meestal pas op langere termijn tot problemen leiden die soms helaas onomkeerbaar blijken te zijn.

Overvloed van veel van deze stoffen is net zo gevaarlijk als een tekort, een volledige, uitgebalanceerde voeding mag dan ook niet door bijvoeding verstoord worden.

Mineralen

Minerale stoffen blijven over als het dier de voeding heeft verbrand. Meestal maken ze 5-8% uit van de droge stof (voeding minus vocht) en worden op de verpakking vermeld als (ruwe) as. De minerale stoffen die relatief rijk vertegenwoordigd zijn in de voeding noemen we macro-elementen. Minerale stoffen die slechts in zeer geringe hoeveelheden aanwezig zijn noemen we sporenelementen.

Mineralen worden via de voeding aangevoerd in de vorm van ingrediënten of als zoutvorm. Ze hebben in het algemeen meerdere functies in het lichaam.

Macro-elementen

Calcium
Calcium is grotendeels opgeslagen in het skelet en zorgt voor de stevigheid. De meeste fouten worden gemaakt bij de voeding van de pup. De jonge hond heeft geen “calciumthermostaat”. Vrijwel alle toegevoerde calcium wordt opgeslagen in het skelet. Goedbedoelde bijvoeding in de jeugd leidt vaak tot onherstelbare artrose, invaliditeit en pijn later in het leven. Elke bijvoeding, zoals een poeder, is een potentieel risico. Beperk u bij de pup tot een wetenschappelijk geformuleerde en geteste voeding (A-merken) en houdt u strikt aan de voorschriften van de fabrikant.

Calcium is verder verantwoordelijk voor een goede zenuwprikkelgeleiding. Rondom de geboorte en in relatie met de melkgift kunnen bij de teef ernstige problemen met de calciumbloedspiegel ontstaan.

Fosfor
Fosfor is samen met calcium belangrijk voor het skelet. De voorziening verloopt meestal wel goed. Bij oudere dieren moet men oppassen voor een overmaat fosfor. Er zijn aanwijzingen dat een teveel aan fosfor schadelijk is voor de nieren op oudere leeftijd. Door een toename van de vleesvoeding zijn meer problemen te verwachten, omdat vlees een onjuiste calcium / fosfor verhouding heeft.

Kalium
De voorziening van kalium via de voeding verloopt meestal goed. Het is het overmatig verlies bij diarree en/of braken dat voor ernstige gevolgen kan zorgen. Een tekort aan kalium zorgt voor ernstige hartproblemen. Dit is mede de reden dat u een diarree op tijd moet laten behandelen.

Sporenelementen

IJzer
Ijzer geeft bij dieren bij een tekort een conditieverlies. Het is van groot belang om weefsels van zuurstof te voorzien. Dit laat ook zien dat een pup geen voeding voor volwassen dieren moet krijgen. Jonge dieren hebben een verhoogde ijzerbehoefte vanwege de groeiende weefsels. Voeding voor volwassen dieren bevat ruwweg de helft aan ijzer in vergelijking met een pupvoer.

Zink
Zink is erg belangrijk voor een gezonde huid en de voortplanting. Noordelijke rassen zijn vaak niet in staat om voldoende zink uit de darm op te nemen wat kan leiden tot voortplantingsstoornissen en huidproblemen. Soms is behandeling mogelijk maar dit is niet eenvoudig.

Huidontstekingen op de overgang van behaarde naar niet behaarde huid zijn een aanwijzing voor een mogelijk verstoorde zinkopname.

Mangaan
Vlees is maar een middelmatige bron voor dit sporenelement dat heel belangrijk is. Mangaan speelt een belangrijke rol in de energiehuishouding maar nog belangrijker: het is onmisbaar voor een goede kraakbeenvorming. Het is een goed voorbeeld hoe onjuiste voeding in de jeugd jaren later effect kan hebben op de kwaliteit van het kraakbeen. Een voldoende mangaangehalte in de voeding is voor menig wetenschapper een aardige uitdaging bij het samenstellen van een receptuur.

Koper
Koper heeft vele functies maar is onder hondenkenners vooral bekend van de pigmentvorming. Een hond moet genetisch gezien wel pigment kunnen vormen maar het moet ook voldoende in de voeding aanwezig zijn en opgenomen kunnen worden. Het is een dure grondstof dus het lijkt wel eens karig aanwezig te zijn.
Een te veel aan koper is gevaarlijk.

Vitaminen

Dit zijn stoffen die een vitale rol spelen in het lichaam. Ze worden verdeeld in vetoplosbare vitaminen (A,D,E,K) en wateroplosbare vitaminen (B,C). De eersten kunnen bij overmatige opname stapelen in het lichaam en dan giftig worden.

In het algemeen zijn het stoffen die zeer gevoelig zijn voor oxidatie en dan hun werking verliezen. Juiste bewaaromstandigheden (donker, koel) en een goede verpakking zijn belangrijk. Er zijn ook speciaal gestabiliseerde vitaminen die beter tegen oxidatie bestand zijn maar deze zijn duurder. 

Vitamine A
Vitamine A heeft vele belangrijke functies in het lichaam. Bij de hond zijn huidproblemen en voortplantingsproblemen bekend als gevolg van een tekort aan vitamine A.

Vitamine B
Vitamine B omvat een hele reeks van vitaminen, vaak met een eigen naam en een tweede naam in de vorm van bijvoorbeeld vitamine B6. Er is vrijwel geen orgaansysteem of stofwisselingsproces te bedenken waarbij geen vitamine B is betrokken.

Biotine is een voorbeeld van Vitamine B wat erg belangrijk is voor huid en nagels en foliumzuur. Foliumzuur wordt bij een tekort verantwoordelijk gehouden voor problemen bij pups. Vaak heeft de moeder dan onvoldoende voorziening gehad.

Vitamine C
Bekend als onmisbare factor voor de weerstand, maar vitamine C heeft nog meer functies. Honden kunnen voor een groot gedeelte dit vitamine zelf aanmaken. Een veel gemaakte voedingsfout is het toedienen van extra vitamine C naast een complete voeding aan een pup, dit wordt sterk afgeraden. 

Een overmaat wordt in het algemeen ongevaarlijk geacht omdat het toch met de urine het lichaam verlaat, maar dit is niet waar. Urine is een filtraat van het bloed, en het bloed komt in alle weefsels. Dus hoge concentraties vitamine C kunnen gevoelige weefsels wel degelijk beschadigen.

Vitamine D
Vitamine D is van groot belang voor de regulering van de calcium- en fosforstofwisseling. Het mag daarom dus nooit naast een complete voeding aan pups worden gegeven. Overmaat zorgt voor ernstige skeletafwijkingen. Tekorten komen vrijwel nooit voor.

Vitamine E
Vitamine E is van groot belang voor de voortplanting en fungeert in het lichaam als een natuurlijke antioxidant en beschermt op die manier vele belangrijke stoffen. Vaak gebeurt dit in samenspel met selenium.

Aandacht voor juiste hoeveelheden is van groot belang voor sporthonden. Het is bekend van sledehonden dat bij een tekort een hartstilstand kan optreden. Intensieve arbeid verhoogt de behoefte. In een goede sportvoeding zal hier ook rekening mee gehouden worden.

Vitamine K
De belangrijkste en ongetwijfeld meest bekende functie van vitamine K is de rol als belangrijke factor bij de bloedstolling. Veel honden die vergiftigd waren met knaagdierbestrijdingsmiddelen zijn op het nippertje gered door de dierenarts door de toediening van vitamine K. Daarnaast laat vitamine K veel enzymen goed functioneren en is dus onmisbaar voor een goede gezondheid.

Minder kwalitatieve voeding

Een minder kwalitatieve voeding bevat meestal een onjuiste hoeveelheid en / of verhouding aan mineralen. Een overmaat kan gemakkelijk aanleiding geven tot de vorming van urinewegstenen, zeker als de voeding veel plantaardige grondstoffen bevat. 

Contact a veterinarian

Error

An error has occurred. This application may no longer respond until reloaded.