kattenaids

Kattenaids of FIV bij kat

Katten die besmet zijn met het FIV of kattenaids virus lopen veel meer risico op het krijgen van (dodelijke) ziektes. Lees hier alles kattenaids.

Kattenaids of FIV virus

Kattenaids virus of FIV (Feline Immunodeficiëntie Virus) is wereldwijd een belangrijke veroorzaker van ziekten bij de kat. Het virus is goed te vergelijken met HIV, dat bij mensen de ziekte aids veroorzaakt. Gelukkig komt FIV in Nederland niet heel vaak meer voor. 

Besmettelijk voor katten, niet voor mensen

FIV of kattenaids virus is bij katten besmettelijk en wordt overgedragen door bloed of sperma. Dit gebeurt meestal bij het vechten. FIV is niet overdraagbaar op mensen, net zoals HIV niet op katten overgedragen kan worden. 

Net zoals bij mensen kunnen katten (langdurig) drager zijn, zonder symptomen te hebben. Zeker wanneer zij nog maar kort geleden besmet zijn met FIV.

Sterker nog, bij sommige dieren komen we er nooit achter of zij FIV positief zijn, simpelweg omdat er helemaal geen klachten zijn. Deze katten worden dus ook niet minder oud door het virus. 

Hoger risico op ziektes door lagere weerstand

Helaas worden de meeste katten met het kattenaids virus of FIV vroeg of laat ziek wel ziek. Dit heeft alles te maken met het immuunsysteem dat langzaam maar zeker steeds slechter wordt. Hierdoor heeft de kat veel meer kans op het krijgen van allerlei ziektes, zoals kanker

Kattenaids is helaas niet te genezen, maar er is wel mee te leven.

Kattenaids symptomen

Kattenaids is lastig te herkennen, omdat de symptomen ook kunnen komen door een ‘gewone ziekte’. Vaak is de kat na besmetting een korte periode ziek, en volgen daarna andere klachten.

Twee tot zes maanden na besmetting met FIV zien we vaak vage klachten zoals:

Meestal gaat dit vanzelf weer over en lijkt de kat weer gezond, terwijl de kat nog wel besmet is met het virus. 

Klachten die voorkomen maanden tot jaren na besmetting met FIV: 

Infecties komen steeds terug of verergeren. Ook zullen veel infecties niet reageren of verdwijnen na een behandeling. Door de lagere weerstand hebben katten met FIV ook meer kans op kanker, zoals leukemie.

Voorkomen van besmetting en verspreiding kattenaids

Vooral katten die niet gesteriliseerd of gecastreerd zijn en vrij zijn te gaan en staan waar ze willen lopen meer risico om kattenaids te krijgen. Katers zullen vechten en poezen laten zich dekken. Met sterilisatie en castratie van uw kat verlaagt u dus het risico op het krijgen van FIV.

Moederkatten dragen de ziekte meestal niet over aan kittens. Een goede fokker zal de dieren altijd eerst testen voordat ze ingezet worden voor de fokkerij. Door testen, castreren en steriliseren wordt de verspreiding van het virus zoveel mogelijk tegengegaan.  

Vaststellen kattenaids of FIV

Met een bloedtest kan gekeken worden of een verdenking van kattenaids of FIV terecht is.

Hiervoor zijn verschillende bloedtesten mogelijk. Uitslagen van deze tests zijn in sommige gevallen niet 100 procent betrouwbaar, bijvoorbeeld als de kat korter dan twee maanden geleden besmet is. 

Het beste is om dan acht tot twaalf weken later nog eens te testen. 

Als de test op de kliniek negatief is en de kat wel symptomen heeft die passen bij een FIV besmetting, wordt het bloedmonster meestal naar een extern en gespecialiseerd laboratorium gestuurd. Daar zijn andere testen mogelijk. 

Een positieve FIV-test: wat u kunt doen

Er bestaat geen vaccinatie tegen kattenaids. Elke kat die buiten komt, loopt risico op het virus. Kattenaids is niet te genezen, maar er is wel mee te leven.

Vraag, of advies?

Heeft u een vraag over kattenaids, of wilt u uw kat laten testen? Neem gerust contact met ons op, we helpen u graag verder.

Neem contact op met een dierenarts

Ziet u symptomen in dit artikel terug bij uw dier? Maak een afspraak bij een kliniek. Een dierenarts kan beoordelen of behandeling nodig is.

Vind uw kliniek