ademhaling hond

Ademhalingsproblemen bij kortsnuitige honden

Kortsnuitige rassen staan bekend als meer risico lopend op ademhalingsproblemen. Het ligt aan oorzaak en aandoening of en hoe deze behandeld kunnen worden.

Ademhalingsproblemen bij kortsnuitige honden

Ademhaling kan door een korte(re) snuit beïnvloed worden. Op welke manieren dat kan, en bij welke rassen deze meestal voorkomen, leest u in dit artikel. 

Rassen met ademhalingsproblemen

De kortsnuitige rassen waar we het hier over hebben zijn de bekende rassen zoals de:

Klachten over ademhalingsproblemen komen ook voor bij de:

De rassen die vaak worden vergeten zijn de Chow Chow, Bordeaux Dog en Engelse Stafford (Bully type). Ook niet erkende rassen zoals de American Bully kunnen vanwege onderstaande oorzaken ademhalingsproblemen hebben.

Gevolgen van ademhalingsproblemen

Ademhalingsproblemen bij honden kunnen leiden tot slaapproblemen, eetproblemen en het slecht aankunnen van inspanning en warmte.

Symptomen ademhalingsproblemen bij honden

Sommige jonge honden worden voor onderzoek aangeboden met verschijnselen van doorlopende verkoudheid. Er komt echter geen snot uit de neus, maar helder waterig vocht. Bij doorvragen blijkt dat deze honden vaak ook moeilijk met hun mond dicht kunnen slapen. Sommige honden nemen een speeltje in de bek en vallen daarmee in slaap.

Het meest frequent worden dierenartsen geconfronteerd met dieren die een bijgeluid bij de ademhaling hebben, dat toeneemt of alleen aanwezig is bij inspanning. Dit laatste is ook logisch, want bij inspanning wordt er door het lichaam meer zuurstof gevraagd en dient het lichaam zich meer te koelen. De ademhalingsorganen bij de hond zijn hiervoor gemaakt.

Andere verschijnselen van ademhalingsproblemen zijn frequent braken of slijm opgeven bij inspanning. De hond slikt lucht in, dit geeft irritatie van de maag en daardoor gaat de hond frequent braken, dan wel slijm opgeven.

Kortom; ziet u uit onderstaand iets terugkomen bij uw hond, dan heeft uw hond mogelijk last van ademhalingsproblemen. Dit geldt niet alleen voor kortsnuitige honden; ook andere rassen kunnen hier last van hebben.

Bij AniCura werken dierenartsen met veel ervaring met ademhalingsproblemen. Heeft u vragen of twijfelt u? Vraag het na bij een dierenarts in de buurt.

Oorzaken ademhalingsproblemen bij honden

Was er sprake van één oorzaak dan zou het simpel zijn om de oorzaak te voorkomen, of foktechnische maatregelen te nemen om de oorzaak te bestrijden. Helaas is dit niet het geval. Voor ademhalingsproblemen bij honden is een overkoepelende term bedacht.

BOAS bij honden

Het is een scala aan oorzaken dat tot ademhalingsproblemen bij honden leidt. Dit is dan ook de reden dat er een overkoepelende naam voor is gecreeërd: BOAS (Brachycephaal Obstructive Airway Syndrome). 

Dit betekent dus ook dat dierenartsen naar de totale hond moeten kijken om de oorzaak te vinden bij de desbetreffende hond.

Gewicht van de hond

Ook het gewicht van de hond moeten beoordeeld worden. Veel kortsnuitige honden hebben aanleg voor overgewicht. Als een hond te zwaar is, betekent dit dat er meer zuurstof nodig is wanneer het lichaam om meer koeling vraagt. De ademhalingsorganen zullen dus zwaarder worden belast.

Nauwe neusopening

Als we een opsomming maken van de mogelijke oorzaken en we beginnen aan de voorzijde van de hond te kijken, dan komen we als eerst natuurlijk bij de neus. De neusopening dient voldoende ruim te zijn zodat de hond door zijn neus kan ademen.

We moeten realiseren dat de hond zijn neusgaten actief open moet kunnen zetten. In rust (slapend thuis of onder verdoving) is het beeld van de opening van de neus het meest betrouwbaar te beoordelen.

Als een hond ouder wordt, kan het zijn dat de neusvleugels minder flexibel worden en dat de passage van lucht door de neus af begint te nemen.

Nauwe neusgang

Ook de neusgang (in de schedel) is van belang. Is de neus van de hond zeer kort, dan is de kans erg groot dat er weinig of geen doorgang van lucht is door de neusgang. Daar komt bovenop dat de ademhaling via de bek dan minder gemakkelijk gaat.

Weinig ruimte in de keel

De ruimte achter in de keel dient groot te zijn, want hierdoor kan de hond makkelijker ademen tijdens het eten en drinken. Juist bij kortsnuitige honden is deze ruimte soms erg beperkt. Een Engelse Buldog kan dat nog gedeeltelijk compenseren door zijn bek verder open te doen, maar een mopshond zal in de regel zijn bekje niet ver kunnen openen door de bouw van de kaak en kan de kleine ruimte dus helaas niet compenseren.

Verlengd verhemelte - "mijn hond snurkt!"

Het zachte verhemelte kan verlengd zijn bij kortsnuitige honden. Dit geeft hinder tijdens het ademen en veroorzaakt het typisch snurkende geluid. De lengte en dikte van het verhemelte kan erg variëren van hond tot hond. Hoe dikker en hoe langer, des te meer obstructie.

Strottenhoofd - larynxcollaps

Het strottenhoofd is een belangrijk orgaan. Het sluit zich bij het slikken en voorkomt op deze manier verslikken bij zowel mensen als dieren. Wanneer het lichaam meer zuurstof of koeling nodig heeft, zal het strottenhoofd zich openen om een maximale luchtstroom te realiseren. Zodra het strottenhoofd niet optimaal functioneert, spreken we van larynxcollaps. Deze aandoening delen we in mate van ernst in tussen graad 1 (laag) en 4 (zeer hoog). Waar we bij de Engelse bulldog vaak graad 1 tegen komen, zien we bij de mopshond en Franse buldog vaker graad 2 of 3.

Luchtpijpproblemen

De luchtpijp is verantwoordelijk voor de luchtstroom tussen strottenhoofd en de longen.

Hypoplastische luchtpijp: één van de mogelijke problemen met de luchtpijp

Zodra de luchtpijp niet goed van bouw is, wordt de luchtstroom gehinderd/belemmerd tussen het strottenhoofd en longen. De luchtpijp kan op meerdere manieren slecht gebouwd zijn. De wand kan verdikt zijn en de in de luchtpijp aanwezig kraakbeenringen kunnen over elkaar heen vallen.

Dit zien we vaak bij de Engelse Buldog, zelden bij andere rassen. Bij de andere kortsnuitige rassen zien we vaak dat de kraakbeenringen elkaar niet in het midden raken, maar dat ze of niet mooi rond zijn, of open staan waardoor het verbindingsstuk (dorsale membraan) ver doorhangt en bij inademing vaak naar beneden wordt getrokken waardoor de doorgang van lucht in de luchtpijp sterk wordt gereduceerd.

Behandeling ademhalingsproblemen

Vroeg handelen

Door de jaren heen hebben dierenartsen de ervaring opgedaan dat honden die lijden aan deze problemen vaak beter in een vroeg stadium (indien mogelijk) operatief geholpen kunnen worden, dan te wachten tot de klachten erger worden.

Het blijkt dat de vorm van de luchtpijp, strottenhoofd en slokdarm de minste verandering ondergaan als de irritatie hiervan niet te lang duurt. Dus beter op één tot twee-jarige leeftijd ingrijpen dan wachten tot de hond vijf jaar oud is.

Neusgaten, luchtpijp en mogelijke bronchitis

Eerst wordt de hond goed bekeken en natuurlijk zijn de neusgaten vanaf de buitenzijde goed te beoordelen. Afhankelijk van de aard van de klachten zal er meestal een röntgenfoto gemaakt worden van de longen en de luchtpijp. Dit wordt gedaan om een mogelijke bronchitis uit te sluiten en de bouw van de luchtpijp te bekijken.

Scopie en operatie

Als hier geen duidelijke afwijkingen naar voren komen wordt een afspraak gemaakt om onder narcose met een scoop in de keel, luchtpijp en slokdarm te kijken. Aan de hand van de bevindingen wordt besloten of operatie mogelijk en zinvol is of dat medicamenteuze behandeling de juiste weg is.

Verhemelte verkorten

Is een verhemelte te lang dan zal dit ingekort kunnen worden, bij te grote amandelen of grote valse stembanden worden deze verwijderd.

Bij een hond met larynxdysplasie (afwijkende vorm van het strottenhoofd) is geen operatie mogelijk.

Medicamenteuze behandeling

Soms kan een medicamenteuze behandeling verlichting brengen. Dit zal vaak gecombineerd moeten worden met een goed bewegingsadvies.