Bij Scotts eerste inenting op 6 weken had de eigen dierenarts een luid bijgeruis op het hart gehoord.

Scott kwam op de kliniek voor een hartonderzoek bij Hanneke van Meeuwen, zij heeft zich speciaal toegelegd op het maken van echo’s. Bij de eerste inenting op 6 weken had de eigen dierenarts een luid bijgeruis op het hart gehoord.

Op het eerste gezicht zag Scott eruit als een levendige gezonde pup. Bij het beluisteren van het hart bleek Scott inderdaad een luid bijgeruis te hebben.

Hartafwijking

Het bijgeruis wat gehoord werd (een “machine” bijgeruis veroorzaakt door continue turbulentie van bloed) is typisch voor de aangeboren hartafwijking “Persisterende Ductus Arteriosus Botalli, PDA” genaamd. Deze diagnose werd bevestigd met een hartecho. De Ductus Arteriosus Botalli verbindt voor de geboorte de aorta (linkerzijde van het hart) met de longslagader (rechterzijde van het hart). 

Normaal gesproken sluit dit vaatje tijdens of net na de geboorte. Als dit vaatje niet sluit stroomt er bloed van de linker hartzijde naar de rechter hartzijde met allerlei gevolgen van dien. Gelukkig is er aan deze afwijking operatief iets te doen. Als de operatie tijdig wordt uitgevoerd is de hond daarna weer kerngezond.

De mogelijkheden voor Scott

Er zijn 2 operatiemogelijkheden: de borst open maken en het vaatje met een draadje dichtbinden of via het bloedvatenstelsel het vaatje met een propje dichtmaken. Allebei de technieken hebben voor- en nadelen. Bij Scott werd ervoor gekozen om het vaatje van buiten af dicht te binden. Hiervoor werd een maand later een afspraak gemaakt omdat Scott voor de operatie liefst minimaal 4 kilo moest wegen en het hart bij het eerste consult nog niet in moeilijkheden verkeerde. Scott moest alvast beginnen met bloeddrukverlagende medicatie.

De operatie

Een maand later werd Scott ’s morgens gebracht. Opnieuw werd een hartecho gemaakt. Hieruit bleek nu dat het hart zich al aan het aanpassen was aan de abnormale situatie. De linker boezem was al wat uitgezet en de bloedsnelheid in de longslagader was een stuk gestegen ten opzichte van de eerste hartecho. Scott werd met een speciale narcose in slaap gebracht en overgedragen aan Jessica Bertens, die de operatie ging uitvoeren.

Voor de operatie werd Scott op zijn rechter zij gelegd. Zijn hele linkerkant werd geschoren en ontsmet. Er werd een snee gemaakt tussen de 4e en de 5e rib, van bovenaan de rug, tot onderaan het borstbeen. Omdat de borstkas open gemaakt wordt tijdens de operatie, kan Scott niet meer zelfstandig ademen. Daarom werd Scott vanaf het openen van de borstkas tot aan het sluiten beademd. De ruimte tussen de ribben werd opgerekt met een ribspreider. Het operatieveld kon zo vergroot worden tot ongeveer 6 cm. Net genoeg om met de instrumenten bij het hart en de bloedvaten te komen.

Een stuk van de linker long werd nat gemaakt met fysiologische vloeistof en daarna naar achteren geklapt zodat er zicht kwam op het hart. De vliesjes die om het hart en de bloedvaten heen zaten, moesten heel voorzichtig worden weg gehaald. Na het openen van de borst wordt er een hechting rond de belangrijkste zenuw gelegd, om deze te beschermen tegen trauma.

Het afsluiten van het verbindingsvat de ductus

Langzaam maar zeker werd er een tunneltje gegraven onder de ductus, tussen de kloppende aorta en longslagader door. Via dit tunneltje kon er een dubbel draadje onder de ductus getrokken worden. Dit draadje werd even op spanning gehouden (de ductus werd hierdoor tijdelijk dichtgedrukt) om te kijken wat voor effect dit had op de bloeddruk, de hartslag en de zuurstofspanning in het bloed. Als er op dit moment gekke dingen zouden gebeuren kon het draadje weer los gelaten worden, waardoor de oorspronkelijke situatie zich zou herstellen. Er gebeurde gelukkig niets geks. Het enige opvallende was dat het machinegeruis, dat tot nu toe duidelijk voelbaar was op de aorta, ineens verdween.

Door het afsluiten van de ductus, stroomde het bloed in de aorta nog maar één kant op en was er dus geen turbulentie meer voelbaar. Omdat alles goed ging werd het dubbele draadje geknoopt. Eerst aan de kant van de aorta, daarna aan de kant van de longslagader. Ook dit was een spannend moment, want bij het aantrekken van de hechting kan deze in het bloedvat snijden en zo een ernstige bloeding veroorzaken. Gelukkig ging het allemaal prima. De ductus kon zonder problemen worden afgebonden. Daarna werd de long weer op zijn plaats gelegd en de borstkas gespoeld met fysiologische vloeistof. De ribspreider werd verwijderd en de ribben werden weer aan elkaar gehecht.

Er werd een drain ter plaatse gelaten, waarlangs we nog 24 uur lucht uit de borstkas konden halen. Dit is belangrijk, omdat Scot alleen maar goed kan ademen als er geen lucht los in de borstkas zit. Dit belet namelijk een goede uitzetting van de longen. De spieren en de huid werden allemaal netjes dicht gehecht en daarna kon Scot wakker worden in de couveuse.

Na de operatie

Scot werd al heel snel wakker. Na het wakker worden ademde Scot wat zwaar omdat zijn longen zo’n lange tijd opzij waren gehouden. De volgende ochtend werd de drain in de borst afgezogen. Er bleek nog een beetje vrije lucht in de borst aanwezig. ’s Middags werd de drain nogmaals gecontroleerd. Er bleek geen lucht of vocht meer in de borst aanwezig. De drain werd verwijderd en Scot mocht naar huis.

Een kleine 2 weken later kwam Scott op controle. Zijn hartruis was verdwenen en Scott was veel levendiger dan vóór de operatie. De operatiewond was netjes genezen. Op de hartecho na de operatie was te zien dat de linker boezem weer normaal van grootte is.

10 dagen later kwam Scott nogmaals op controle. Alles ging prima. Scott bleek zich als een echte bengel te gedragen. De hartecho was volledig normaal. Scott mag de hartmedicatie langzaam afbouwen en is volledig gezond verklaard.